mengen-en-roeren-1

Vloeibare lijm, lijm voor gips-gietvormen, carton, papier en voor galanteriën, etikettenlijm en meer...

Onder kleefstoffen verstaan we gummi- of gelatine-achtige substanties, die dienen om twee oppervlakken aan elkander te hechten. Gewoonlijk zijn het stoffen die in water opzwellen en na het verdampen van het water weer hard worden; het typische voorbeeld hiervan is de gewone houtlijm.

Een andere klasse kleefstoffen wordt in de warmte zacht of smelt en hecht na het hard worden door afkoelen de te lijmen oppervlakken aan elkander; hiertoe hoort bijvoorbeeld schellak.

De moderne kleefstoffen hooren vaak tot de groep, waarbij het water vervangen wordt door een organisch oplosmiddel. Als voorbeeld kan men de caoutchouc-solution en de celluloid-lijm nemen.

De samenstelling van de kleefstoffen kan men in het algemeen tot in het oneindige varieeren, Ieder recept moet aan het doel, waarvoor het gebruikt wordt, aangepast worden. Vooral bij de consistentie speelt zelfs de persoon van den verwerker een groote rol; de recepten moeten dus steeds op het speciale doel afgestemd worden.

Een kleefmiddel dat voor het plakken van schoenendozen bv. uitstekend voldoet, kan door een onaangenamen reuk voor het plakken van cartons voor levensmiddelen absoluut onbruikbaar zijn.

De te plakken oppervlakken moeten steeds goed schoon zijn. De kleefstof wordt in een dunne laag opgebracht. Wanneer de te plakken stoffen poreus zijn, moet men met een dunne kleefstofoplossing de poriën eerst afsluiten.

HANDIG OM TE HEBBEN

Het oplossen van caseïne
Voor een normale dikke oplossing neemt men per kg caseïne ongeveer 3 Liter water. Het water doet men koud in een geëmailleerde pan en voegt onder goed roeren de droge caseïne toe; er mogen zich geen klonten vormen.
Hierna voegt men per kg caseïne 60 g sterke ammoniak (geest van salmiak) toe en plaatst de pan nu in een tweede grootere gevuld met heet water (of op een waterbad). De caseïne-oplossing wordt nu onder goed roeren langzaam tot 70℃ verwarmd, hetgeen ongeveer een half uur duurt. Te hooge temperatuur moet men vermijden daar de oplossing in dit geval te donker wordt. Nadat de caseïne geheel opgelost is kan men met warm water tot de gewenschte consistentie verdunnen. De verkregen lijm kan men juist als gewone houtlijm gebruiken, zoowel warm als koud.

Caseïne kan ook met borax opgelost worden. Hiertoe mengt men in dezelfde volgorde als met ammoniak 1 kg caseïne met 4 tot 6 l koud water, voegt 150 g borax toe en roert koud tot de caseïne zacht begint te worden: dit duurt ongeveer een kwartier. Hierna wordt het mengsel weer op of in een waterbad onder goed roeren zoo lang op 70℃ verwarmd tot de oplossing geheel helder geworden is.

Indien men de caseïne-oplossing zeer dunvloeibaar wil maken, vervangt men een deel van de ammoniak of borax door trinatriumphosphaat. Daar de caseïne-oplossing aan bederf onderhevig is verdient het aanbeveling de oplossing met 2 % benzoëzuur- of salicylzuur-natrium of 0.5 % carbolzuur te conserveeren.

Opmerking: caseïne mag niet met koper in aanraking komen.

caseine
Caseïne is een dierlijk eiwit dat in melk voorkomt.

Het gebruik van houtlijm of beenderlijm.
Voor het maken van een goede lijmoplossing is het noodzakelijk de lijm voor het verwarmen goed in water te laten zwellen. Bij dikke tafellijm kan dit tot twee dagen duren. Tegenwoordig komt er ook gemalen lijm in den handel, die in eenige uren genoeg water opneemt om door verwarmen opgelost te kunnen worden.

Nadat de lijm voldoende water opgenomen heeft, wordt ze door haar in een bak met heet water te plaatsen vloeibaar gemaakt; de temperatuur mag niet hooger komen dan 70℃. Hoogere temperaturen en lange verhitting moeten vermeden worden, daar het water dan op de lijm inwerkt en door zg. hydrolyse producten gevormd worden met, een zeer geringe kleefkracht.

Het vloeibaar maken der lijm geschiedt het beste in een hiertoe speciaal vervaardigden lijmpot, waarvan de binnenste pot vertind is terwijl de buitenste pot, waarin het heete water komt, uit ieder willekeurig materiaal kan bestaan.

Bij het lijmen met deze gewone houtlijm moet er voor gezorgd worden, dat de te lijmen oppervlakken zoo warm gemaakt worden, dat de lijm hierop niet stolt voordat de oppervlakken vast op elkander geperst zijn. Voor het leveren van goed werk moeten de beste lijmsoorten gebruikt worden.

Voor het lijmen van dun fineer neemt men een lijm met een hooge viscositeit, dit beteekent een lijm die in een lage concentratie reeds een dikvloeibare oplossing geeft. Een te dunne oplossing heeft nl. een neiging door het dunne laagje hout heen naar den buitenkant te komen en hier het fraaie oppervlak van het fineer te bederven.

Vloeibare lijm.
Beenderlijm 46,7 dl
Water 46,7 dl
Natriumnitraat 6,6 dl

Het natriumnitraat (Chilisalpeter) wordt in koud water opgelost. De lijm (fijn gemalen) laat men gedurende twee uur in deze oplossing inweeken en smelt het mengsel dan op een waterbad bij 60-70℃. Hierna houdt men het mengsel zoo lang op de aangegeven temperatuur tot de lijm na afkoelen tot kamertemperatuur vloeibaar blijft; dit proces duurt eenige uren. Tenslotte conserveert men met eenige tiende procenten carbolzuur of salicylzuur.

Lijmcompositie voor gips-gietvormen
Houtlijm in poeder 1 dl
Glycerine 1,5 dl
Water 1 dl
Suiker 0,5 dl
Fijn kwartspoeder 1 dl
Lijm voor een cartonplakmachine
Houtlijm 175 dl
Glycerine 10 dl
Water 175 dl of meer
Bêtanaphtol 0,5 dl
Terpineol 0,5 dl
Lijm voor carton
  • 14 dl goede beenderlijm op de juiste manier in 26 dl water oplossen.
  • Hieraan voegt men 1 dl van een 12-pcts oplossing van schellak in spiritus toe.
  • Hiernaast lost men 0.5 dl dextrine op in 7 dl spiritus en 3,5 dl water, verwarmt deze oplossing en mengt haar met de lijmoplossing.
  • De lijm wordt bij het afkoelen vast en moet voor gebruik gesmolten worden.
laborante
Elastische papierlijm
Beenderlijm 45 dl
Glycerine 15 dl
Water 39 dl
Carbolzuur 1 dl

De lijm wordt op de gewone wijze opgelost. Bij 60℃ voegt men dan de glycerine toe en tenslotte het conserveermiddel, bv. carbolzuur of p-oxybensoëzure-ester.

Lijm voor galanteriën
  • 100 dl goede heldere lijm worden in 200 dl water opgelost.
  • Hieraan voegt men dan een oplossing van 2 dl gebleekte schellak in 10 dl alcohol toe, roert tot de beide oplossingen zich goed vereenigd hebben en laat de temperatuur niet boven de 50℃ komen.
Hectographenmassa
  • Men lost 1 dl goede lijm in zoo weinig mogelijk water op, voegt dan 1 dl glycerine toe en giet dit in het hiervoor bestemde apparaat.
  • Wanneer de massa te dun geworden is laat men bij lage temperatuur onder goed roeren een deel van het water verdampen.
Etikettenlijm
  • Gewone houtlijm wordt in 15-pcts azijnzuur opgelost en een oogenblik doorgekookt. Men kan ook nog iets stijfsel toevoegen.
Etikettenlijm voor de machine
  • Aan een 10-pcts houtlijmoplosing voegt men op de hele hoeveelheid berekend 2,5% dextrine toe. Men verwarmt onder goed omroeren tot de dextrine opgelost is en voegt dan 3% lijnolie en 3% terpentijnolie toe. De lijm wordt door vocht niet aangetast en hecht op metaal.
LEUK OM TE HEBBEN

Hfst.1 - Kleefstoffen
Het oplossen van caseïne - Gebruik van hout- en beenderlijm - Vloeibare lijm - Lijmcompositie voor gipsgietvormen - Lijm voor carton - Elastische papierlijm - Lijm voor galanteriën - Hectographenmassa - Etikettenlijm
Kleefstoffen 2
Stijfselpasta - Lijm voor cellophaan - Albuminelijm - Houtlijm met stijfsel - Vloeibare gom - Enveloppengom - Fotokleefstof - Kleefpasta - Juwelierskit - Kit voor gietijzer - Kit voor het dichten van scheuren in vloeren
Kleefstoffen 3
Lijm voor vetdicht papier - Behangersplaksel - Meubellijm - Kastenmakerslijm - Caseïnelijm voor hout - Celluloïd kleeflak - Kleefwas - Ebonietlijm - Marinelijm - IJzerkit - Marmerkit - Stopverf
Kleefstoffen 4
Kit voor metaal op glas - Vlug drogende isolerende kleeflak - Gekleurde was - Kunstharskleefstoffen - Lederlijm - Linoleumlijm - Lederlijm voor schoenen - Zijden kousen repareren - Mowilithkleefstof

De inleiding is van belang voor het gehele boek, sla deze dus niet over
Inleiding

Belangrijk

Voorkom ongelukken!
Gevaarlijk vergiftige stoffen worden bij het recept aangegeven. Men mag echter nooit vergeten dat alle chemicaliën relatief gevaarlijk zijn. Na het werken met chemicaliën moet men dus in ieder geval de handen wasschen, gedurende het werk mag men met de handen niet aan de oogen komen. Bij het werken met brandbare vloeistoffen mag volstrekt geen vuur in het vertrek aanwezig zijn.

Aanvulling door vindikhier.nl
Beslist lezen!

Op deze website geven wij de oorspronkelijke tekst weer van het boek 'mengen en roeren, verschenen in 1936. Lees vooral de inleiding met onderwerpen als verwarmen (boven waterbad, ofwel au bain-marie) en andere veiligheidszaken. Gebruik beschermende kleding, handschoenen en veiligheidsbril bij het werken met gevaarlijke stoffen.
Sommige recepten of in recepten vermelde stoffen zijn wellicht in onbruik geraakt, niet meer verkrijgbaar, niet meer toegestaan of zelfs ronduit gevaarlijk.
Denk daarbij aan bijvoorbeeld asbest. Maar ook aan gevaarlijke stoffen als arsenicum en strychnine. Ga dus geen recepten namaken zonder kennis van zaken of met gevaarlijke of verboden stoffen. Met andere woorden:

'DON'T TRY THIS AT HOME'

Wij onthouden ons van iedere verantwoordelijkheid, met betrekking tot fouten in de informatie, eventuele schadelijkheid van vermelde stoffen en eventuele schadelijke gevolgen van het werken met deze stoffen of van het opvolgen van de recepten in dit boek. Ons motto is slechts: Laat oude kennis niet verloren gaan.




'Enjoy Life'








disclaimer | w3schools | GFDL | GoodFon.com | pixabay | pexels |pinterest | pxhere.com | unsplash.com
copyright © 2013 -
vindikhier.nl - all rights reserved
under construction